Steven De Rie

Discipline(s):
Beeldende kunst, Taal, poëzie en schrijven
Woonachtig in regio:
Antwerpen

Biografie

Wat inspireert mij? Naar welke plek ga ik om me te laten inspireren?
Eigenlijk alles.

Het mooie van leven als ‘stripverhalenverteller’ is dat je alles wat je ziet, meemaakt en bedenkt wel op één of andere manier kunt verwerken in je werk.

Maar als ik dat wat duidelijker moet stellen zou ik zeggen ‘mensen’ en ‘het stripmedium’.

‘Mensen’ omdat de kern van elk verhaal, of het nu in de vorm van een strip, cartoon, lied, toneelstuk of film wordt gegoten, toch altijd weer is “een levend wezen maakt iets mee”.

In een verhaal kun je die beleving van die persoon, dat groeiproces tonen; dus niet één moment zoals in een foto of schilderij, maar een hele reis ”van naïef naar wijs”, of “alleen naar samen”, van” woede naar vergeving”, enzovoort. Een verhaal vertellen is een manier om een gevoelservaring door te geven. En de menselijke beleving is zo rijk dat er eindeloos veel verhalen te vertellen zijn.

Mijn andere inspiratie is “Het medium Strip/beeldverhaal” omdat je er zoveel mee kàn.

Je kunt zowel met taal en dialoog spelen, (in de tekstballonnen) als met beeld en mimiek (in de decors en de figuren). En dan is er nog alles wat je met compositie en kleur kunt doen.

Alleen geluid/muziek krijg je er niet goed in, alhoewel, met onomatopeeën komen we een heel eind!

Plus, het toffe is dat je dat allemaal alléén kan doen. Het is echt jouw individuele visie die je in een strip kunt tonen. Je kunt mensen die het lezen echt door jouw bril naar de wereld laten kijken!!

Welk verhaal wil ik vertellen? Rond welke thema's werk ik graag?
Hmm, om mezelf te blijven uitdagen probeer ik juist zeer verschillende verhalen te vertellen.

In verschillende genres en in verschillende formaten. En ik heb al heel wat gedaan; van grappige, vrolijke verhalen tot avonturen en griezelverhalen. Van voorlichtingsstrips over kindermisbruik, drugsgebruik of ecologisch verantwoord leven tot ruimtereizen en pratende dieren.

Van albumlange strips tot losse illustraties en cartoons.

Desalniettemin zijn er een aantal terugkerende thema’s in mijn werk.” Het leven in de stad” is één rode draad. Bijna al mijn eigen strips spelen zich af in ‘de stad’. “De vrijheid die fantasie geeft” is een ander thema. Misschien kun je daarom stellen dat het verhaal wat ik wil vertellen is ‘de vrije geest/het individu in de maatschappij/stad’.

Van welke kunstenaar heb/wil ik werk?
Moeilijk kiezen. Maar Keith Haring is altijd wel een favoriet van me geweest. Hoe hij met zijn street art de wereld veroverde op een speelse manier. Hoe hij alle onderwerpen, van vederlicht tot loodzwaar, bekeek en aanpakte met een kinderlijk enthousiasme. En dat vrolijk kleurenspel van hem bleek verrassend wijs en diepzinnig te zijn. Een zeer opvallende en open stijl waarmee hij alle lagen van onze maatschappij aansprak. Nog iets dat me boeit aan ‘de strip’ trouwens, het is een laagdrempelig medium. Iedereen heeft weleens een stripverhaal gelezen, en je komt het overal tegen. Net zoals het werk van Keith haring, je vindt het in galerijen, op T-shirts en in speeltuinen. Zowel Haring als de strip laten zich niet opsluiten in een museum.

Wat is het leukste dat ik al gedroomd heb? Welke droom zag ik al in vervulling gaan?
Voor de hand liggend, maar elk boek dat uitkomt is een droom die in vervulling gaat. Het begint met een idee, soms zelfs iets dat ik gedroomd heb, letterlijk. Dan komt het tekenen en schrijven, tot je daadwerkelijk een écht gedrukt boekje in je handen hebt, en je andere mensen het ziet lezen. De eerste keer dat ik een eigen gedrukt boek zag was echt een van de gelukkigste momenten van mijn leven. Wat ook iets heel dromerigs heeft is met mensen spreken die mijn strips gelezen hebben, en dan een band met een figuur blijken te hebben. Ze kunnen er soms over praten alsof het een bestaand mens is, terwijl het toch maar een ideetje is met streepjes eroverheen.

Waar zou ik ooit willen wonen?
Als tiener heb ik bewust gekozen voor Antwerpen. Ik woon er nu al zeer lang, heb Antwerpen in mijn meeste strips als decor gebruikt en heb zelfs een aantal strips in opdracht van Stad Antwerpen getekend.

Dus ik woon in Antwerpen, en Antwerpen woont in mijn tekeningen. Ik woon dus al waar ik wil. Daar bovenop woon ik dan ook nog in een zalig gerestaureerd huisje, heel centraal in Antwerpen. (Illustratie ‘dag in het leven van’ toevoegen?)

Lievelingsboek?
Als kind ‘Het slaapboek’ van dokter Seuss, een gezellig loflied op fantasie en humor.

En momenteel, als volwassene, ‘Nation’ van Terry Pratchett. Een studie van wat een mens tot een mens maakt, en een groep tot een leefgemeenschap. Heel toegankelijk in de vorm van een warm, spannend avontuur.

Mijn leukste Artforum-moment:
Ik ga er twee vermelden, want ik kan niet kiezen. Mijn eerste grote schilderijtentoonstelling als Popart schilder in de toenmalige lokalen van Artforum op de Dietsevest. 1994 denk ik dat het was. Dat was een échte kick! Zo’n tentoonstelling, dan voel je ineens dat het allemaal écht is! Dat je écht, officieel kunstenaar geworden bent! Heel fijn dat ik dat mocht beleven in de Artforum lokalen.

En tweede moment; Ik werd na een workshop in een bibliotheek nog eens teruggevraagd voor de opendeurdag. Om er te tekenen voor en mét de kinderen van de bezoekers. Twee kindjes van ongeveer 8 jaar zitten te tekenen aan mijn tafel. De ene vraagt me ‘hoe teken ik een hand die iets vasthoudt’ de andere zegt heel stoer; ‘Oh, dat heeft hij me al geleerd, ik zal het u tonen!’ om het vervolgens keurig voor te doen voor zijn vriendje. Kennis succesvol doorgeven! Ook dat is een reuzekick!!

Wat wil ik zeker nog meegeven over mezelf?
Ik wil eerder nog wat zeggen over strip- en cartoontekenen. Ook als je niet droomt van een toekomst als striptekenaar, is het toch heel nuttig om eens wat tekentips van iemand als ik te krijgen. Striptekenaars hebben veel trucjes waardoor je iets heel snel en duidelijk op papier krijgt. Dat is voor iedereen weleens handig. En zodra je iets kàn tekenen, moet je haast wel gaan nadenken wàt je zou willen tonen, hoe je daarover denkt. Zeker een cartoon maken dwingt je tot kernachtig een mening formuleren.

Kortom, iemand leren tekenen is als iemand leren zingen. Je geeft ze een stem! En dan vinden ze vanzelf wel een eigen lied..